Loading…

READY TO DESIGN?

Wilt u uw onderwijs aantrekkelijker en beter maken?
Kijk naar onze diensten

Verslag EAPRIL 2015

Op 25, 26 en 27 november ben ik op het EAPRIL congres geweest in Luxemburg. EAPRIL staat voor European Association for Practitioner Research on Improving Learning (in education and professional practice). Het is een onderwijscongres over praktijkgericht onderzoek over het verbeteren van leren in het onderwijs. Op 27 november heb ik zelf een presentatie en workshop verzorgd maar ik geef hieronder eerst een samenvatting van de sessies die ik heb bijgewoond. Ik sluit kort af met een terugblik op mijn workshop over de inzet van weblectures en concept mapping in het onderwijs.

Woensdag 25 november 2015

Filip Dochy – High Impact Learning: A next step towards the future of learning and instruction in education and organisations

Filip Dochy ging in over zijn concept over High Impact Learning (figuur 1). Met het concept High Impact Learning wilt Dochy het leren terugbrengen naar de essentie van leren (Dochy, 2015). Wetenschappelijk onderzoek laat nog wel eens tegenstrijdige resultaten zien maar de grote lijnen wat werkt in het onderwijs zijn wel duidelijk. Dochy geeft in zijn presentatie zeven bouwstenen die een sterke impact kunnen hebben op het leren in de toekomst. Elke leerproces begint met een ‘sense of urgency’, de ervaring van een ‘hiaat’ of van een probleem (1). Om die kloof te dichten maken we gebruik van vijf andere bouwstenen: zelf-management en learner control (2), collaboratie en coaching (3), een hybride omgeving (4), actie en kennisdeling door de lerende (5), en flexibiliteit in formeel en informeel leren (6). Om over te gaan naar een volgend leerproces wordt een assessment (7) gedaan, waarbij de lerende en de coach samen nagaan of de kloof inderdaad gedicht is.

High impact learning
Figuur 1. Essentiële bouwstenen van High Impact Learning (Dochy, 2008).

 

In meer detail betekent dit:

Bouwsteen 1. UHP (Urgentie; hiaat; probleem): Wat mag of moet het startpunt van het leerproces zijn? Elke leerproces dient te vertrekken van een duidelijk beargumenteerd probleem, een ervaren uitdaging, een hiaat, en/ of een item dat een zekere mate van hoogdringendheid creëert (‘sense of urgency’).

Bouwsteen 2. Zelf-management en learner-control: lerenden moeten in staat zijn om te kunnen terugblikken op en het nadenken over het eigen handelen (reflecteren). Echter moet de reflectie zich niet beperken tot het terugblikken op de actie (na afloop terugblikken op de situatie), maar er moet ook gereflecteerd worden tijdens de actie zodat bijsturing mogelijk is.

Bouwsteen 3. Collaboratie en coaching: leren met medestudenten, klanten, met collega’s, met peers, met superieuren, met externe stakeholders, en de omgeving. Collaboratie is divers door in team of groepsverband werken, individueel in een netwerk waarbij interactie met en feedback van peers (peer assisted learning) aan bod komen, individueel met interactie en feedback van een coach die de lerende ondersteunt in zijn leerproces (coaching).

Bouwsteen 4. De ‘Hybrid learning’ bouwsteen: High Impact Learning moet ingebed zijn in een hybride omgeving waarin er geleerd wordt door interactie via verschillende methodes en dragers. Leren is een continu proces waarin online leren en face-to-face gecombineerd worden.

Bouwsteen 5. Actie en kennisdeling (sharing): Leren kan zich het beste afspelen ‘in actie’, door te leren met peers, in een team of door het doen in een real-life situatie in de praktijk. Dit impliceert veelal interactie/communicaties tussen individuen in een groep of tussen groepen.

Bouwsteen 6. Flexibele leerruimte: een leerruimte zo inrichten dat spontaan leren mogelijk is. Door toevallige activiteiten, toevallige interacties met peers, door ervaringen tijdens activiteiten, en door alle andere acties die niet gericht zijn op training of schools leren wordt meer dan ooit geleerd. Wanneer er wordt uitgegaan van een hybride omgeving, er actie ingepland wordt en interactie gestimuleerd wordt ontstaan er kansen tot informeel leren.

Bouwsteen 7. Assessment: het leren van toetsen en vooral van feedback zou nog een groter aandeel moeten en kunnen hebben in het proces. Continu feedback geven is een mindset van een docent, waarbij gestreefd moet worden om voor de helft positieve feedback te geven.

‘High impact learning kan enkel in een nieuw klimaat van minder toezicht en controle, waarbij de leerkracht een hogere professionaliteit nastreeft door sterker teamwerk in een lerende organisatie en een sterk dynamische onderwijsaanpak: de leerkrachten herontwerpen voortdurend hun onderwijs, leren continu van collega’s en delen onophoudend hun know-how’ (Dochy, 2008, p. 1).

Danica Mast & Chris Heydra – Tinkering with Technology in Human Computer Interaction Education

Danica Mast en Chris Heydra van de Haagse Hogeschool hielden een presentatie over Tinkering in HCI education. Met ‘tinkering’ wordt bedoeld denken met je handen. Zij halen hierbij een quote van Confusius aan: tell me, i will forget. Show me, i will remember. Involve me, i will understand. Hun toevoeging is: If I build it, I own it. Mast en Heydra beschrijven een case study over een herontwerp van een project. Dit project loopt 8 weken met 92 studenten waarin studenten les krijgen in technologieën die in relatie staan met ‘human computer interaction’. In dit project gebruikte zij de ‘tinkering benadering’ om de intrinsieke motivatie van studenten te stimuleren. In de eerste zes weken kregen studenten hoorcolleges en werkcolleges over vier thema’s: Computer Vision, Augemented reality & Virual Worlds, Robotics & affective computing en Ubiquitous computing. In de laatste 2 weken moesten de studenten experimenteren in een praktijksetting. Studenten kregen de opdracht om een van de vier thema’s uit te werken in een experiment en een product op te leveren. Het aardige van dit project was dat de studenten geen leerdoelen meekregen en dat in principe alles veroorloofd was. Aangezien de studenten niet wisten wat er van hen werd verwacht en waar ze op beoordeeld werden bracht dat in het begin van het project enige frustratie. Maar gaandeweg werden studenten steeds creatiever en ontwikkelde ze hun zelfsturend vermogen meer. Ik ben er nog niet over uit of ik het eens ben met deze aanpak omdat er geen duidelijke criteria zijn waarop de studenten worden beoordeeld. Studenten moeten aan het einde van het project een portfolio opmaken maar hoe komt het cijfer dan tot stand? Ken Robinson zei ooit al ‘education kills creativity’. Door studenten vooraf leerdoelen mee te geven, hen te reduceren tot ‘test-making-machines’, wordt de creativiteit geremd. Het project van Mast en Heydra is een mooi voorbeeld hoe studenten gemotiveerd kunnen worden en de creativiteit wordt bevorderd. Echter, is het nog de vraag hoe de accreditatiecommissie hier tegenaan kijkt.

Donderdag 26 november 2015

Keynote speaker Prof. dr. Sanna Järvelä – Regulated Learning in CSCL – Theoretical Progress for Learning Success

Prof. dr. Sanna Järvelä begint de dag met haar keynote over het maatschappelijk belang van 21st century skills. Voorbeelden van deze ‘skills’ zijn: ‘skills for learning, creative and critical thinking, collaboration, and the ability to utilize ICT in these areas’. Zij legt de focus op collaboration learning and self-regulating learning en dan met name Computer Supported Collaboration Learning (CSCL). Om collaboration learning effectief te maken moeten studenten hun gedachten kunnen expliciteren, actief hun inzicht kunnen discussiëren met andere studenten in het groep. Tijdens het samenwerken komen verschillende elementen naar voren die het samenwerken beïnvloeden. Järvelä onderzoekt hoe groepen of individuen in groepen ondersteund kunnen worden in het onderhouden en het reguleren van het samenwerkings(groeps)proces. Hierna gaat zij in op self-regulating learning en hoe dat toegepast wordt in de praktijk. Self-regulating learning betekent de vaardigheid om in controle te zijn over je gedachtes en acties om je doel te bereiken. Een student is een actieve en pro-actieve lerende. Zo een student monitort, evalueert en reguleert hun leren voortdurend. Dit soort leerstrategieën kunnen de meeste studenten leren maar het zit hem vooral in de wilskracht om ze in te zetten tijdens het leren. De meeste studenten doen dat niet automatisch. Studenten hebben volgens haar meestal zes uitdagingen in het onderwijs: 1. Ze begrijpen vaak de taak niet. 2. Ze stellen vage doelen of maken slechte planningen. 3. Ze hanteren zwakke of slechte strategieën. 4. Ze monitoren hun leren niet. 5. Ze zijn niet in staat om leren te evalueren. 6. Motivatieproblemen. Deze aspecten zijn essentieel in het effectief kunnen samenwerken. Om de samenwerking te bevorderen en het self-regulating learning te ondersteunen gaat Järvelä vervolgens verder over wat daarvoor nodig is.

Figuur 2. UBIKO project.
Figuur 2. UBIKO project.
  1. Developing SSRL (Socially shared regulation of learning) tools. Het ondersteunen van co-construction en gedeelde taak weergaves, doelen en strategieën. Het inzetten van tools voor het onderzoeken naar team effectiveness. Het vergroten van het besef van de motivatie en de emotie.
  2. De leeromgeving moet self-regulation en SSRL ondersteunen. Een voorbeeld wordt gegeven van het UBIKO project in Finland. Dit is een voorbeeld van een basisschool waarop de focus ligt op het ontwikkelen van 21st centurie skills (figuur 2).
  3. In de leeromgeving werken onderzoekers met docenten, worden strategische vaardigheden aan de leerlingen geleerd, wordt er aangemoedigd om te plannen en doelen te formuleren, hebben leerlingen mogelijkheden voor keuzes en controle over hun leerproces, worden er ipads gebruikt om self-regulating learning dagboeken bijgehouden.
  4. In de leeromgeving zijn er speciale plekken voor self-regulating learning en SSRL die emotioneel inspirerend en motiverend zijn.

Om 21st century skills te leren hebben studenten motivationele competenties en effectieve leerstrategieën nodig in individuele en samenwerkende leersettings. Volgens Järvelä moet het onderwijs van vandaag studenten helpen om bewust te worden van hun sterktes en zwaktes in leersituaties en hen helpen om vaardigheden te leren voor een leven lang leren. ‘The challenge is no longer about knowledge delivery, but in creating an environment that effectively combines the pedagogical, social and technological affordances in the form of tools and activities for learners to themselves construct knowledge by engaging and inspiring them to learn.’

Bram Pynoo & Jo Tondeur – Teacher design teams for blended learning in higher education

De sessie van Bram Pynoo & Jo Tondeur ging over het effect en belang van het maken van teacher design teams voor het ontwerpen van het onderwijs in de context van blended learning. In deze workshop werd ik samen met andere participanten aan het werk gezet met hun ontworpen four-step procedure to blended learning. Deze procedure was tot stand gekomen tijdens een professionele ontwikkelingsproject in een community of practice. Het product is een website http://ictdesignteams.be/. De workshop bestond uit drie delen: een korte introductie over het project en de ICT design teams, daarna werden de participanten van de workshop verdeeld in design teams om een eigen casus uit te werken in een blended ontwerp. Als laatste werd er gereflecteerd met de groep op de four-step procedure en het werken in design teams. Tijdens de reflectie werd er in kaart gebracht wat de randvoorwaarden zijn voor teacher design teams en die zijn te vinden ophttp://nl.padlet.com/brampynoo/h0a4b1n17x3l.

Ik vond het een interessante workshop mede omdat ik met het lectoraat Teaching Learning and Technology van Inholland een soortgelijke methode hanteer om herontwerpen te ontwikkelen. De website is interessant en kan erg bruikbaar zijn voor teams die blended learning willen implementeren. Wel vind ik het van belang te benoemen dat ICT niet het uitgangspunt moet zijn voor een herontwerp. Een herontwerp begint bij de probleemverkenning en ICT zou een middel kunnen zijn het probleem aan te pakken of te ondersteunen.

Vrijdag 27 november 2015

Richard Kragten – FLIPPING THE SESSION – Using weblectures and concept maps to support meaningful learning

In de sessie die ik op vrijdag verzorgde waren 16 deelnemers. Mijn presentatie ging over de inzet van weblectures en concept mapping in een celbiologie module (thesis is te vinden viahttp://www.inholland.nl/onderzoek/lectoraten/elearning/inzet+video+en+weblectures/). In deze presentatie gaf ik een beknopte weergave van de resultaten van een onderzoek uit 2014 en 2015. Ik liet vooral de gemeten ervaring en waardering over de celbiologie weblectures en het maken van concept maps zien vanuit studentperspectief. Hierna zijn de deelnemers gaan discussiëren over een stelling die ik ze had gegeven: alle hoorcolleges kunnen vervangen worden door weblectures. De meeste deelnemers vonden niet dat alle hoorcolleges vervangen moesten worden door weblectures omdat hoorcolleges ook motiverend voor studenten kunnen zijn. Een goed gestructureerd hoorcollege kan de student boeien en emotioneel verbonden houden met zijn school, aldus de groep. Maar terecht werd er ook opgemerkt dat een goed hoorcollege spaarzaam is en dat je als docent veel in je mars moet hebben om een boeiend en inspirerend hoorcollege neer te kunnen zetten. Ik vind zelf dat hoorcolleges onderdeel van het onderwijs moeten blijven maar dat de structuur en de functie van de klassieke (en nog meest gebruikte vorm) hoorcolleges herzien moeten worden. De inzet van weblectures als kennisclips kan de aanleiding geven tot het herontwerpen van je hoorcolleges en daarmee zou je het onderwijs aantrekkelijker, effectiever en efficiënter kunnen maken.

Tijdens deze sessie hebben ook twee Inholland collega’s, Zac Woolfitt en Iris Sutherland-van den Heuvel hun onderzoek gepresenteerd.

Zac Woolfitt deed onderzoek naar de behoefte van support om de ‘video teaching’ skills van docenten van de opleiding Tourism Management te ontwikkelen. Hiervoor heeft Woolfitt 23 interviews afgenomen, getranscribeerd en gecodeerd. Uit deze resultaten zijn criteria gekomen voor een workshop om de ‘video teaching’ skills te ontwikkelen. De workshop werd binnen de de opleiding van Woolfitt goed ontvangen en meer collega’s volgen de workshop en zetten video in, in hun onderwijs.

Iris deed onderzoek naar het gebruik en de waardering van weblectures die ingezet werden in de opleiding Medisch Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken. Verschillende instrumenten waren gebruikt om het gebruik van de weblectures inzichtelijk te maken. Er werd een survey gebruikt en lessen werden geobserveerd. Daarnaast werden student journals en log data geanalyseerd. Uit het onderzoek is gebleken dat de weblectures hoog gewaardeerd werden door de studenten en dat de weblectures gebruikt werden als een extra resource voor het leren.

Geef een reactie